www.uhasselt.be
DSpace

Document Server@UHasselt >
Research >
Research publications >

Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1942/25901

Title: Rechtspraakoverzicht Grondwettelijk Hof 2016. Bevoegdheid en rechtspleging
Authors: Bortels, Heidi
Issue Date: 2017
Citation: Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht, 2017(10), p. 576-599
Abstract: In 2016 heeft het Hof in maar liefst 6 arresten uitspraak gedaan over een vordering tot schorsing, waarvan het er bovendien 3 heeft ingewilligd. 1 van die schorsingsarresten werd gewezen op grond van artikel 20, 2° van de bijzondere wet van 6 januari 1989, dat het Hof toelaat een norm te schorsen die identiek is met of gelijkaardig aan een reeds door het Hof vernietigde norm en die door dezelfde wetgever is aangenomen, zonder dat het het ernstige karakter van de middelen, noch het bestaan van een risico van een moeilijk te herstellen ernstig nadeel moet onderzoeken. Het is slechts de derde maal sinds zijn ontstaansgeschiedenis dat het Hof op grond van die bepaling overgaat tot schorsing. Voorts heeft het Hof opnieuw uitspraak gedaan over 2 vorderingen tot uitlegging, die beide met toepassing van de ‘voorafgaande rechtspleging’ werden verworpen. Van de 4 vorderingen tot uitlegging die sedert 2014 – toen er van die proceduremogelijkheid voor het eerst gebruik werd gemaakt – zijn ingesteld, werd er tot op heden aldus nog maar 1 ten gronde beantwoord. Een belangrijk arrest inzake het belangvereiste vormt het arrest nr. 62/2016, waarin het Hof uitspraak doet over het beroep tot vernietiging van de wet tot instemming met het Stabiliteitsverdrag. Het Hof houdt in dat arrest weliswaar vast aan zijn zienswijze dat de actio popularis niet toelaatbaar is, doch verduidelijkt dat het desalniettemin dient na te gaan of de wet niet raakt aan een aspect van de democratische rechtsstaat dat dermate essentieel is dat de vrijwaring ervan alle burgers aanbelangt, hetgeen bij nader onderzoek niet het geval bleek te zijn. Vermits geen van de verzoekende partijen, in hun hoedanigheid van burger, belangenvereniging, volksvertegenwoordiger, staatsburger of stemgerechtigde, deed blijken van het vereiste belang, heeft het Hof de vordering als niet-ontvankelijk. verworpen.
URI: http://hdl.handle.net/1942/25901
ISSN: 0040-7437
Category: A1
Type: Journal Contribution
Appears in Collections: Research publications

Files in This Item:

Description SizeFormat
Published version189.46 kBAdobe PDF
Peer-reviewed author version581.29 kBAdobe PDF

Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.