www.uhasselt.be
DSpace

Document Server@UHasselt >
Research >
Research publications >

Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1942/23505

Title: Het legaat de residuo als afgescheiden vermogen: oude wijn in een nieuwe zak?
Authors: Appermont, Niels
Issue Date: 2016
Citation: Limburgs Rechtsleven, 42(3), p. 171-199
Abstract: Gedurende de jaren 70 van de vorige eeuw werd het fideïcommis de residuo herontdekt als een nuttig instrument voor (familiale) vermogensplanning. In essentie is het fideïcommis de residuo een legaat of een schenking waarbij de gelegateerde of geschonken goederen worden verkregen door een eerste begunstigde en waarbij deze goederen vervolgens, bij het overlijden van de eerste begunstigde, toekomen aan een door de erlater of schenker aangewezen tweede begunstigde. Deze rechtsiguur, die haar oorsprong vindt in het Romeinse recht, heeft sedert haar herontdekking evenwel een heuse ontwikkeling doorgemaakt. Daar waar oorspronkelijk werd aangesloten bij de visie die, vooral omwille van historische redenen, de bevoegdheden van de eerste begunstigde met betrekking tot de fideïcommissaire goederen benadrukte, is de focus van de rechtsleer in de laatste decennia verplaatst naar (de juridische aard van) de rechten van de tweede begunstigde. Meer bepaald wordt door de meerderheid van de rechtsleer volgehouden dat de tweede begunstigde in feite beschikt over een ‘verzakelijkt’ recht met betrekking tot de fideïcommissaire goederen. Door middel van deze kwalificatie worden de belangen van de tweede begunstigde sterk beschermd, o.a. door het optreden van zakelijke subrogatie binnen het ‘fideïcommissaire vermogen’. Ook wordt in de rechtsleer vaak volgehouden dat de fideïcommissaire goederen zich hierdoor gaan manifesteren als een ‘soort afgescheiden vermogen’ in hoofde van de eerste begunstigde. Maar kan het ideï-commis de residuo, zoals wij dat de lege late kennen, werkelijk worden beschouwd als een afgescheiden vermogen? En wat voegt een dergelijke kwalificatie toe aan het wezen van deze rechtsfiguur? Besloten wordt dat, hoewel deze visie op een aantal punten inderdaad een zekere normatieve verklaringskracht heeft, de rechtspraak en rechtsleer niet steeds even consequent zijn in hun rechtstheoretische benadering van het fideïcommis de residuo. Of het fideïcommis de residuo de lege lata reeds werkelijk kan worden opgevat als een afgescheiden vermogen, kan daarom worden betwijfeld. Het consequent doortrekken van de benadering van het fideïcommis als afgescheiden vermogen opent mogelijk verdere perspectieven om deze rechtsfiguur beter in te bedden in onze rechtsorde, maar brengt wel een aantal eigen complicaties met zich mee.
URI: http://hdl.handle.net/1942/23505
ISSN: 2032-7803
Category: A1
Type: Journal Contribution
Validation: vabb, 2018
Appears in Collections: Research publications

Files in This Item:

Description SizeFormat
Published version233.81 kBAdobe PDF
Peer-reviewed author version700.01 kBAdobe PDF

Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.