www.uhasselt.be
DSpace

Document Server@UHasselt >
Research >
Research publications >

Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1942/21928

Title: Studie naar de Ecologie van de Vrijlevende Plathelminthes (Turbellaria) van de Zandstranden van de Belgische Kust
Authors: Jouk, Philippe
Advisors: Schockaert, Ernest
Issue Date: 1992
Abstract: Tot op heden was het Turbellaria-onderzoek aan de Belgische kust voornamelijk faunistisch, waarbij ook een aantal karyologische aspecten onderzocht werden (Martens, 1983; 1984; Martens & Schockaert, 1981; Martens et al., 1988). Dit onderzoek is de eerste ecologische studie waarbij op systematische wijze over een langere periode bemonsterd werd. Het doel van dit onderzoek is drieledig : 1) Een eerste doelstelling is bet nagaan van bet relatieve aandeel van de Turbellaria in de meiofauna in functie van de dynamiek van bet (eulitorale) zandige biotoop, en dit zowel wat betreft hun densiteit als bun biomassa. Met de term "dynamiek" wordt niet enkel de hydrodynamiek bedoeld, maar bet geheel van de factoren die een invloed op bet biotoop kunnen uitoefenen. Algemeen wordt immers aanvaard dat de Nematoda en de Harpacticoida meestal de dominante taxa zijn in de meiofauna. Doorgaans bereiken de Nematoda maximale densiteiten in de fijnere sedimenten en zijn er dan super-dominant, terwijl de Harpacticoida meestal in de grovere sedimenten in hoge aantallen voorkomen en er soms zelfs bet meest dominante taxon vormen (Platt & Warwick, 1980 en Hicks & Coull, 1983 met referenties). Voor de zgn. "soft-bodied" meiofaunataxa (vnl. Turbellaria en Gastrotricha) zijn de gegevens echter veel schaarser. Meestal wordt aangenomen dat deze taxa slechts in zeer lage densiteiten voorkomen en in vele meiofauna-surveys warden ze zelfs helemaal niet in beschouwing genomen, waarschijnlijk ook mede doordat ze veel moeilijker te bestuderen zijn dan de "hard-bodied" taxa. Martens et al. (1985) en Martens & Schockaert (1986) suggereren echter dat de Turbellaria een belangrijkere rol in de meiobenthosgemeenschap kunnen spelen dan algemeen verondersteld wordt en dat bun aandeel in de meiofauna voornamelijk beïnvloed wordt door de dynamiek van bet biotoop. Uit literatuurstudie en eigen waarnemingen blijkt dat in zandige biotopen de diversiteit, densiteit en biomassa van Turbellaria doorgaans hoger is dan in modderige bodems. Volgende hypothese werd vooropgesteld (Martens et al., 1985) : "Hoe hoger de dynamiek van een zandig habitat, hoe lager de totale meiofaunadensiteit, maar hoe hoger bet (relatieve) aandeel van de Turbellaria in de meiofauna" (zie figuur 1). Om deze hypothese te toetsen warden een aantal lokaliteiten gekozen, die een zo breed mogelijke "range" van biotopen vertegenwoordigen, nl. van zeer beschut tot volledig geëxposeerd aan de golfslag (de belangrijkste hydrodynamische factor voor de eulitorale meiofauna), met daarbij voor sommige stations nog extra stresserende factoren voor de meiofauna die de dynamiek van het biotoop nog verhogen. 2) Naast de kwantitatieve aspecten in de meiofauna komen ook belangrijke kwalitatieve aspecten aan bod. De samenstelling van de turbellarienfauna in elk biotoop wordt bepaald, waaruit volgende gegevens kunnen worden af geleid : - Is er een relatie te leggen tussen de faunasamenstelling en de abiotische factoren (vnl. de sedimentsamenstelling)? - Kunnen er voor de verschillende biotopen karakteristieke ("gids")soorten aangeduid worden? 3) Een laatste bedoeling is de temporele evolutie van de turbellarienfauna in de verschillende biotopen vast te stellen. Daar er kwantitatieve gegevens tot op soortniveau voorhanden zijn, wordt bet ook mogelijk de levenscyclus van de meest abundante turbellariensoorten te reconstrueren.
URI: http://hdl.handle.net/1942/21928
Category: T1
Type: Theses and Dissertations
Appears in Collections: PhD theses
Research publications

Files in This Item:

Description SizeFormat
Phd Thesis - Part 116.63 MBAdobe PDF
Phd Thesis - Part 211.3 MBAdobe PDF

Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.