www.uhasselt.be
DSpace

Document Server@UHasselt >
Research >
Research publications >

Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1942/16318

Title: Een verkennende literatuurstudie naar indicatoren die relevant zijn bij het in beeld brengen van bereikbaarheid in Vlaanderen
Authors: REUMERS, Sofie
HERMANS, Elke
JANSSENS, Davy
DE JONG, Marjolein
WETS, Geert
Issue Date: 2011
Publisher: Steunpunt Mobiliteit & Openbare Werken – Spoor Verkeersveiligheid
Series/Report: RA-MOW-2011-005
Abstract: Bereikbaarheid is in dit rapport, op basis van nationale en internationale literatuur, gedefinieerd als de mate waarin grondgebruiks- en vervoersystemen het mogelijk maken voor (groepen van) individuen of goederen om activiteiten of bestemmingen te bereiken door middel van een (combinatie van) vervoerswijze(n) (Geurs & Ritsema van Eck, 2001; Geurs & van Wee, 2004). Bereikbaarheid bestaat uit vier belangrijke aspecten, zijnde transport, ruimtelijke ordening, beleid en context, die men verder kan uitsplitsen naar deelaspecten. Een set van bereikbaarheidsindicatoren moet idealiter deze vier aspecten vertegenwoordigen, alsook de deelaspecten ervan, zodat een theoretisch verantwoorde en alomvattende voorstelling van bereikbaarheid gegarandeerd kan worden. Vandaag de dag worden heel wat uiteenlopende en onvolledige definities van bereikbaarheid gehanteerd, met als gevolg een gebrekkige en onvolledige operationalisatie van het begrip in bereikbaarheidsindicatoren. Dit heeft op zijn beurt tot een onvolledige dataverzameling geleid. De belangrijkste tekortkoming in de huidige dataverzameling is het louter beschouwen van de situatie op het autosnelwegennet in plaats van de diverse wegtypen en zelfs andere infrastructuren. Dat de consequenties hiervan groot zijn, werd door Vandenbulcke et al. (2009) aangetoond. Zij geven immers aan dat onvolledige en gebrekkige operationalisatie kan leiden tot een verkeerde perceptie van bereikbaarheid. De voorgestelde indicatoren in dit rapport zijn niet limitatief, maar wel een selectie van indicatoren die het vaakst gehanteerd worden in de internationale literatuur en toegepast kunnen worden op de Vlaamse situatie. De voorgestelde indicatoren zijn bijgevolg ook geen ideale indicatoren. Ze vormen de basis voor de uiteindelijke set van bereikbaarheidsindicatoren voor Vlaanderen waarvan operationalisatie en een nulmeting voorzien zijn in een vervolgrapport. Indicatoren die vandaag de dag het meest gehanteerd worden bij het beschrijven van de bereikbaarheid van een land of regio zijn voornamelijk gericht op de transportaspect van bereikbaarheid. Uit deze literatuurstudie blijkt dat in de huidige Vlaamse, federale en zelfs Nederlandse (beleids)documenten geopteerd wordt voor indicatoren zoals het aantal voertuigverliesuren op het hoofdwegennet, gemiddelde snelheden en verplaatsingstijden op het hoofdwegennet, congestiekans op het hoofdwegennet, de lengte van netwerken… Hoewel de behandelde nationale en internationale beleidsdocumenten aangeven dat afstand, tijd, snelheid, betrouwbaarheid, robuustheid, kosten en comfort de belangrijkste deelaspecten van bereikbaarheid zijn, blijkt dat ze in de huidige praktijk niet in die mate geoperationaliseerd en toegepast worden. Enkele van de meest gehanteerde indicatoren hebben wel te maken met afstand, zoals de lengte van netwerken, met tijd, zoals voertuigverliesuren, met snelheid, zoals gemiddelde verplaatsingssnelheden, en met betrouwbaarheid, zoals filezwaarte en congestiekans. Minder voorkomende indicatoren die hieraan toegevoegd kunnen worden zijn: Afstand: aantal reizigerskilometers per persoon per vervoerswijze en per tijdsperiode, aantal voertuigkilometers per modus en per type infrastructuur, gemiddelde verplaatsingsafstand per motief. Tijd: aantal minuten besteed aan verplaatsen per persoon per tijdsperiode, gemiddelde verplaatsingstijd per traject en per tijdsperiode. Betrouwbaarheid en robuustheid: aantal kilometers file per tijdstip en per traject, I/C-verhouding per traject en per tijdsperiode, verkeersafwikkelingsniveau per traject en per tijdsperiode, verzadigingsgraad per traject, wegvakindex, ellende-index, buffertijdindex, benodigde tijd om rijstroken vrij te maken na een incident, rijstrooklengte per oppervlakte-eenheid, reservecapaciteit per traject en per tijdsperiode. Kosten: gemiddelde verplaatsingskost per modus en per tijdsperiode. Indicatoren met betrekking tot comfort vereisen bijkomend onderzoek op vlak van operationalisatie. Deze verkennende literatuurstudie vormt een eerste, noodzakelijke stap in het proces van de identificatie van een indicatorenset voor het in beeld brengen van de bereikbaarheid in Vlaanderen. Aan de hand van een vervolgonderzoek zal op zoek gegaan worden naar een geschikte indicatorenset die toegepast kan worden in het Vlaams beleid om de bereikbaarheid voor Vlaanderen in beeld te brengen. Het vervolgrapport tracht bovendien de indicatorenset te operationaliseren, waarbij onder andere aandacht besteed wordt aan de invulling van de indicatoren voor Vlaanderen (=nulmeting).
This report defines accessibility, based on an extensive review of national and international literature, as the extent to which the land-use and transport system enables (groups of) individuals or goods to reach activities or destinations by means of a (combination of) transport modes (Geurs & Ritsema van Eck, 2001; Geurs & van Wee, 2004). Four important aspects contribute in the determination of accessibility, namely transport, land-use, policy and context. These aspects are further divided into sub aspects. To attain a theoretically sound and comprehensive presentation of accessibility, a set of indicators of accessibility should ideally take all four aspects and sub aspects of accessibility into account. In current practice, many different and incomplete definitions of accessibility are used, resulting in inadequate and partial operationalizations of the concept into indicators. This has, in turn, led to incomplete data collection. Merely considering the situation on motorways instead of the various road types and even other networks is the main shortcoming of current data collection. Vandenbulcke et al. (2009) demonstrate the mayor consequences that are implied, since incomplete and inadequate operationalization may lead to misperceptions of accessibility. The proposed indicators in this report are not exhaustive, but are a selection of most commonly used indicators in international literature that can be applied to the Flemish situation. The presented indicators are therefore not ideal. They form the basis for the final set of accessibility indicators for Flanders for which operationalization and a baseline measurement are provided in a subsequent report. Most commonly used indicators for describing the accessibility of a country or region, are mainly focused towards the transportation aspect of accessibility. This literature study shows that in current Flemish, federal and even Dutch (policy)documents indicators such as the number of vehicle hours lost on highways, average speed and travel times on highways, congestion probability on highways, the length of road networks… are preferred. Although national and international policy documents indicate the importance of aspects such as distance, time, speed, reliability, robustness, cost and convenience, current literature shows a limited operationalization of these aspects of accessibility in practice. Some of the most frequently used indicators do reflect on distance, such as the length of the networks, on time, such as vehicle hours lost, on speed, such as average travel speed, and on reliability, such as severity of congestion and congestion probabilities. Less common indicators that can be added, are: - Distance: number of kilometers traveled per person per mode and per time period, number of vehicle kilometers per mode and per type of infrastructure, average trip distance by trip purpose. - Time: number of minutes spent traveling per person and per time period, average journey time per route per time period. - Reliability and robustness: number of kilometers congestion per time and per route, I/C ratio per route and per time period, level of service per route and per time period, saturation rate per route, road section index, misery index, buffer time index, time needed to free lanes after an incident, lane length per unit area, spare capacity per route and per time period. - Costs: average travel cost per mode and per time period. Indicators with respect to comfort require additional research in terms of operationalization. This literature review represents a first and necessary step in the process of identifying a set of indicators for the visualization of accessibility in Flanders. A follow-up study will search for a suitable set of indicators that can be applied in the Flemish policy regarding accessibility. The follow-up report also seeks to operationalize the set of indicators, in which specific attention is paid towards the application of the indicators for Flanders(=baseline measurement).
URI: http://hdl.handle.net/1942/16318
Category: R2
Type: Research Report
Appears in Collections: Research publications

Files in This Item:

Description SizeFormat
N/A1.73 MBAdobe PDF

Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.